Niet goed genoeg

Perfectionist….nee dat ben ik niet. Dat heb ik altijd geroepen en ik wil er eingelijk ook niet in geloven dat ik het ben. Een perfectionist is iemand die alles helemaal geordend heeft. Iemand die de kleren in de kast altijd netje op kleur heeft liggen en alles netjes gestreken heeft, Iemand die geen enkel stofje, vlekje of viezigheidje in zijn huis heeft. Zo iemand als Bree van der Kamp ion Desperate housewives. Alles in zijn of haar leven is perfect. Dan ben je een perfectionist. Hahaha….als ik het zo lees vind ik het ook wel weer grappig. Ik leg namelijk de lat van het perfectionisme zo hoog dat niemand er aan kan voldoen. En dat is precies het perfectionisme wat ik heb. Ik leg de lat zo hoog voor mezelf dat ik het idee heb dat ik er nooit aan kan voldoen. Ok boink….ik heb mezelf mooi getackeld.

Best moeilijk om van jezelf bepaalde kanten te zien en te erkennen. Zo ook bij het volgende: tijdens het schrijven van mijn vorige blog schreef ik heel laconiek her volgende op: “Het resulteert nu ook altijd nog in een gevoel van niet goed genoeg zijn.” En dat zinnetje sloeg in als een bom, alleen was het een bom met vertraging (lang lontje ;-)). Vooral na het kijken van een filmpje op Youtube van Plant Based Bride. Zij maakt bullet journal video’s en babbelt er dan lekker op los. En in deze video begon ze te babbelen over het Imposter Syndrome. Huh? Wat? Oplichter syndroom? Wat heeft dat nou met bullet jorunallen te maken. Maar toen ze het begon uit te leggen, dacht ik: ‘Oh ja.’ Ze vertelt dat ze er nog wel eens moeite mee heeft dat ze eigenlijk maar wat doet tijdens het journallen. Dat ze niet echt een kunstenaar is en zichzelf alles heeft aangeleerd. Ze heeft heel vaak het gevoel dat haar werk niet goed genoeg is. Ik luister nog wat naar haar gebabbel en laat het even bezinken.

Imposter syndrome

Oplichterssyndroom, bedriegerssyndroom, bedriegersfenomeen is een term die in de jaren 70 werd geïntroduceerd om mensen te beschrijven die moeite hebben om hun prestaties aan zichzelf toe te schrijven. Deze mensen voelen zich bedriegers die hun succes niet verdienen. Ondanks alle bewijzen en succes ervaringen die ze hebben. Ze hebben het idee dat ze elk moment ontmaskerd kunnen worden. Ze hebben het idee dat iedereen dat kan wat zij kunnen of hebben gedaan. Het imposter syndroom kent geen officiële diagnose. Het is eigenlijk een verzameling van een aantal persoonlijkheidstrekken. En hoe hoger de opleiding die mensen hebben genoten, hoe sterker ze deze imposter-gevoelens kunnen ervaren. Intelligente mensen die van nature een laag zelfvertrouwen hebben, perfectionistisch zijn en vaak aan zichzelf twijfelen, lopen een hoger risico. Ook opvoeding blijkt een grote rol te spelen. Vooral veel succesvolle slimme vrouwen hebben er last van.

Deze gevoelens spelen vooral op zodra mensen moeten presteren. Ze hebben een opdracht of iets dergelijks, die ze moeten gaan uitvoeren. Dan worden ze bang en twijfelen aan zichzelf en hun eigen kunnen. Door dan heel hard te gaan werken en zich extreem goed voor te bereiden, kunnen ze met de angst omgaan. En dat werkt, ze worden geprezen om hun prestatie en mensen zijn blij met hun werk. Vaak zijn ze dan maar tijdelijk opgelucht dat het weer gelukt is. Maar vervolgens zijn ze weer bang om ontmaskert te worden. Deze mensen zien niet in dat ze dat succes aan hun eigen kunnen te danken hebben. Ze leggen dat succes buiten zichzelf neer. Het is vooral een kwestie van toeval, geluk en externe omstandigheden. Ze compenseren dit dus met extreem hard werken, wat leidt tot stress klachten en zelfs tot een burn-out. Anderen tonen vluchtgedrag.

Spiegeltje spiegeltje….

Nu heb ik volgens mij in mijn vorige blog geschreven dat het schrijven van mijn blog therapeutisch is. Nu heb ik mezelf net even een spiegel voor gehouden. Voor degene die wel eens therapie gevolgd hebben, zullen dit begrijpen. Ik herken mezelf zo in dit syndroom!! Ik vind het een beetje eng en best confronterend. Tijdens mijn werk als leerkracht heb ik zo vaak gedacht dat ik maar wat deed. Dat ik eigenlijk de hele PABO opleiding (i.p.v. deeltijd) had moeten doen, zodat ik een echte leerkracht zou zijn. Dat al mijn collega’s veel beter waren. En ga zo maar door. Wat heb ik vervolgens gedaan? Ik ben me een slag in de rondte gaan werken. Harder, harder en nog harder. Want dan zou het niet opvallen dat ik maar wat doe. En waar heeft het me gebracht? Ik kwam overspannen thuis te zitten (stress en burn out klachten) en uiteindelijk ben ik het onderwijs uitgevlucht. Met het idee dit past nu niet bij mij. Met een druk gezin enzo…het lukt me niet. Maar nu, als ik nu terugkijk, ik kon die constante gedachten van niet goed genoeg zijn niet meer aan. Die hadden me leeg gezogen.

Symptomen die bij dit imposter syndroom horen:

  • angst
  • perfectionisme
  • twijfel aan je zelf (self doubt, Engels is mooier)
  • angst om te falen

Ik voelde me in die tijd ook vaak heel angstig. Ken je dat gevoel dat je hebt wanneer je een examen ofzo moet maken? Zo’n kriebel of knoop in je maag? Die had ik heel vaak toendertijd. Vooral op zondag avond als ik de maandag erna weer moest beginnen. Ik ging me dan maar extra goed voorbereiden (oftewel was de hele zondagavond aan het werk).

Ik wilde het ook zo goed doen voor de kinderen. Ik wilde alle kinderen (combinatie klas groep 5/6 met 33 kinderen) goed begeleiden. Er voor ze zijn, zorgen dat ze goede resultaten haalden. Ook wilde ik mijn collega’s op alle mogelijke manieren ondersteunen, want zij hebben het ook druk. Dus dan zeg je niet makkelijk nee tegen dingen.

Twijfelen is een soort tweede natuur van me. Ik ben immers weegschaal. Twijfelen aan mezelf deed ik meer en meer. Hoe langer ik bezig was als leerkracht hoe meer die twijfel toe sloeg. Ik dacht dan vaak: “Ik wil eens kijken hoe mijn collega’s dat doen, dan kan ik dat ook zo doen en dan doe ik het wel goed.” Of: “Ik moet eigenlijk eens in dat of dat boek duiken om te lezen, dan weet ik er meer van. Nu doe ik het niet goed.” Pffffff heel vermoeiend als ik dit zo terug lees.

Angst om te falen oftewel faalangst. Daar heb ik altijd wel wat last gehad. Maar dan nog wel positieve faalangst. De angst of druk die ik voelde voor bijvoorbeeld een proefwerk. Daardoor ga je nog even heel hard werken en hoppa je haalt een voldoende. Niks aan de hand. Leverde vaak alleen wat stress op zo net voort een proefwerk. Maar ja in mijn werk had ik daar dus ook last van. Zo bang dat ik het niet goed deed. Dat gevoel verlamde me af en toe.

En nu dan?

Ook met mijn werk als sportdocent heb ik nog regelmatig last van deze gedachten. Vooral in het begin was dat sterk. Dan dacht ik: “Ik moet mijn les net zo geven als mijn collega, want dan is het een goede les. Of: “Ik weet echt niet zo veel als mijn collega’s. Zij zijn veel beter.” Dat is nu wel veel minder, maar op dagen dat ik minder goed in mijn vel zit en de les misschien iets minder lekker loopt, dan denk ik het nog wel eens. Nu kan ik het wel veel beter relativeren. Ik heb mindere ervaring dan mijn collega’s, dus ik weet inderdaad ook minder. Maar ik leer wel elke keer weer een beetje bij. En ik heb heel veel succeservaringen gehad. Opleidingen gedaan en geslaagd, tevreden mensen in de lessen en dat heeft er allemaal voor gezorgd dat ik die gedachten niet meer zo vaak heb. En ik wil ook niet meer alleen maar werken, werken en werken. Er zijn zo veel dingen belangrijker in het leven. En met stip op een staat: mijn mentaal welbevinden.

Herkent iemand dit? Heb j ook wel eens van dit soort gedachten? Laat het me weten. Erover praten kan al zo helpend zijn, maar ja dat is met alles he.

Wees open en oprecht! Stop dingen niet weg! Het haalt je altijd weer in!

Liefs Marleen

Body positivi….wattes??

Ik ga jullie wat vertellen. Het is een beetje persoonlijk, maar dat zijn jullie wel van me gewend (het schijven van mijn blog is toch een soort van therapie voor me). En het is even nodig om mijn verhaal in te luiden. Ik ben een aantal jaar geleden veel gewicht kwijt geraakt. Dat heb je kunnen lezen in deze blog. Ongeveer 16 kilo in een half jaar. Ik heb dat op een redelijk normale manier gedaan. Oftewel door minder te eten, meer te bewegen. Dat voelde niet als een opgave op dat moment. Ik deed het gewoon en ik voelde me er goed bij.

Alleen daaraan zat wel een keerzijde, want de periode daarna was niet makkelijk. Ik wilde eigenlijk nog verder afvallen, maar dat lukte niet meer. Mijn lichaam leek een stabiel punt gevonden te hebben. Ik was alleen zo verslaafd geraakt aan al die complimentjes die ik kreeg, dat ik meer wilde. Alleen het afvallen wilde niet meer, ik raakte gefrustreerd en ging uit frustratie dingen eten die ik niet wilde eten. Dan maar meer bewegen om het te compenseren, maar ook dat wilde niet altijd. Ik was druk met een deeltijd studie, werken en stage lopen. En die frustratie en dat ‘overeten’ resulteerde er in dat ik mijn eten weer uitspuugde. Niet altijd, maar soms moest het er gewoon weer uit. Wat voelde ik me ellendig in die tijd zeg. Ik zag zelf heel goed in dat dit niet goed was. Dat ik zo niet door kon gaan. Ik ging in gesprek met mijn ouders en Tycho en dat luchtte enorm op. Ik ben daarna ook nog naar de huisarts geweest. Hij heeft me doorverwezen naar de GGZ. Waar ik na een tijd wachten een gesprek heb gehad. Maar eigenlijk had ik het probleem al opgelost door er over te vertellen en hoefde ik verder geen gesprekken. De periodes daarna was ik eigenlijk redelijk stabiel qua gewicht. Voelde me goed in mijn lichaam en was tevreden.

Augustus 2005

Nu ben ik nog steeds iemand die heel druk is met mijn lichaam en eten. Voor een groot deel omdat ik goed voor mezelf en mijn lichaam wil zorgen, maar ook omdat ik ergens nog ontevredenheid voel. Door het vele sporten kom ik wat aan in spieren en dat zie je op de weegschaal en daar baal ik van. En waarom? Ik snap het niet of toch wel, ik ben heel bang om weer dik te worden. Ik weet dat dit niet zo maar gebeurd, maar toch voelt het zo. Als ik heel eerlijk ben, dan hunker ik ook nog wel naar de complimentjes die ik elke keer kreeg toen ik aan het afvallen was. Dat werkte verslavend. Erg verwarrend allemaal.

Wat ik wel weet is dat ik me niet ontevreden wil voelen, want ik ben heel erg trots op mijn lichaam. Ik heb er 3 kinderen in laten groeien en er uit gepoept(hard werken hoor), het is gezond, erg sterk en laat me nooit in de steek. En dat gevoel wil ik vasthouden. Die trots, die liefde voor mijn lichaam. Niet meer focussen op alles wat er niet goed aan is.

Nu kwam ik laatst in aanraking met body positivity en daar ben ik me in gaan verdiepen. Body positivity is je eigen lichaam en ieder ander lichaam accepteren zoals het is. Het is een tegenbeweging richting de dieet cultuur, waarin we altijd maar slanker en strakker en mooier en …. en….. moeten zijn. We willen in die cultuur alsmaar werken naar een lichaam die eigenlijk niet van ons is. En als we heel eerlijk zijn hebben maar heel weinig mensen zo’n figuur. We denken dat het wel kan, want op social media zie je toch zoveel foto’s van vrouwen die het wel kunnen. Maar vraag je dan wel af: ‘Is dit echt?’ Maar met wat slimme foefjes maakt men heel gemakkelijk een mooie ‘slanke’ foto.

Ontevredenheid

Wij als vrouwen zijn altijd ontevreden over ons lichaam (vraag me af waar dit vandaan komt?). Er is altijd wel een rolletje te veel, een puistje op een ongelukkige plek, te weinig billen of te veel borsten, je haar zit niet goed, je hebt een onderkin (toevallig net op die ene foto) en ga zo maar door. En die ontevredenheid wordt gevoed (en waarschijnlijk ook veroorzaakt) door de bedrijven die hun geld verdienen aan dieet producten of beauty producten. “Verlies 10 kg binnen twee weken met onze producten.” “Smeer je rimpels weg met deze crème.” Uitspraken die je in tijdschriften regelmatig tegen komt. Daarmee worden continu signalen afgegeven dat we niet goed genoeg zijn. Dat we onszelf moeten veranderen en aan het ideale plaatje moeten voldoen.

Doordat we het gevoel krijgen dat we nooit goed genoeg zijn en daar al op jonge leeftijd mee geconfronteerd worden, krijgen veel meisjes en vrouwen een negatief zelfbeeld. Zo vertelde een vriendin van mij dat haar dochter van 8 zichzelf dik vindt. Ze is niet eens dik, totaal niet. Zelfs een beetje mager (als je dat van kinderen kan zeggen). Waar het vandaan komt? Mijn vriendin weet het niet. Want zij heeft het daar nooit over. Pikt ze dit op van de dingen die ze op tv of op Youtube ziet? Is het iets wat ze andere meisjes hoort zeggen? Of van andere volwassenen in haar leven? Ik vind het zo bizar. Maar ik weet wel dat het grote impact heeft. Ik ben altijd wat te dik (stevig) geweest en dat werd ook op verschillende momenten door verschillende mensen gezegd. Dat heeft in mijn jeugd hele nare gevoelens opgeleverd en dat beïnvloedt mij nog steeds. Ik weet dat ik slank ben momenteel. Maar zo voelt het heel vaak nog niet. Ik voel me nog vaak dat dikkertje van vroeger. Dat krijg ik nooit helemaal weg. Het resulteert nu ook altijd nog in een gevoel van niet goed genoeg zijn. Als kind kreeg ik de boodschap: “Je bent niet slank” en het lukte me ook niet om dat te worden. Ik faalde keer op keer en die ervaring maakte me zo onzeker. Nog steeds. Ik weet van mezelf dat ik altijd alles goed wil doen, niemand wil kwetsen en aardig gevonden wil worden. En dat lukt ook niet altijd en dat voelt ook vaak als falen. Ik kan er nu redelijk mee omgaan, maar het heeft tot heel wat sombere, donkere periodes in mijn leven geleidt. Maar goed even terug

Waar komt Body positivity vandaan?

Al in de 1967 bestond Body positivity. De Amerikaanse schrijver Lew Louderback publiceerde het essay More People Should Be Fat. En twee jaar later ontstond The National Association to Advance Fat Acceptance; een beweging die draaide om meer acceptatie voor dikke lichamen. 

Maar in 2014 wordt het dankzij social media groter en groter. De Britse schrijfster Megan Jayne Crabbe is al jaren aan het afvallen, trainen, aankomen en nooit bereikt ze het doel wat ze voor ogen heeft. Maar dan op een dag is ze op social media aan het scrollen en komt ze iets tegen wat haar leven verandert. Ze ziet een selfie van een dikke vrouw in een rode bikini. Die vrouw is trots op zichzelf en op haar lichaam. Ze staat zelfverzekerd op de foto en laat alles van haar lichaam zien.

Megan Jayne besluit door het zien van de foto haar lichaam te accepteren zoals het is. Niet meer diëten, vreetbuien, afvallen, aankomen en ongelukkig zijn. Maar tevreden zijn met het lichaam dat ze heeft. Ze begint een Instagramaccount: @bodyposipanda. Op haar account plaatst ze foto’s van zichzelf en op die foto’s zie je haar en haar lichaam zoals het echt is. Er wordt niks weg gephotoschopt, ze houdt haar buik niet, ze laat alles zien. Ze schrijft er zelfs een boek over, Body Positive Power. Ze zegt zelf: ‘Als ik het lichaam zou willen dat ik voor ogen had, zou ik een heel leven op dieet moeten. Ik kon dat niet meer aan. Ik wilde niet als oude vrouw nog steeds calorieën tellen.’ Niet een hele bemoedigende gedachte.

Wat is body positivity?

Body positivity gaat om het idee dat elk lichaam goed is zoals het is. Lang, dun, dik, kort, blank, bruin, met puistjes of cellulitis. Het maakt niet. Je accepteert iedereen en je waardeert ze precies zoals ze zijn. Geen oordeel, geen vooroordeel. Laten we maar zeggen een positieve mindset over alle mensen, alle kleuren, alle types, alle lichaamsvormen. “I like you just as you are,” zoals Mark Darcy zegt tegen Bridget Jones in de film Bridget Jones Diary.

Best een radicale gedachte, in een wereld vol fitgirls, bikinibody’s en perfecte selfies. Of misschien een hele logische tegenbeweging. Wat de hele beweging van body positivity zegt: het is niet je taak om mooi te zijn, daarvoor ben je niet op de wereld gezet. En dat is een fijne gedachte. Ik heb ook alle “fitgirls” die ik volgde op Instagram en Facebook ontvolgd. Omdat ze me niet altijd een fijn gevoel geven over mijn eigen lichaam en mijn eigen leven. Oh ja en ik heb mijn calorieënteller app van mijn telefoon afgehaald. Die was weer te bepalend in mijn leven geworden.

Natuurlijk ben je niet van de ene op de andere dag body positive. Dat heeft even wat tijd nodig. Maar je kan er wel van de een op de andere dag naar gaan leven. Daarbij is het wel heel belangrijk om je gedachten continu in de gaten te houden en zo nodig bij te sturen. Gisteren waren we lekker aan het varen en het zwemmen op een strandje bij de Rhederlaag. En dan is het zo makkelijk om allerlei hele negatieve gedachten te hebben over andermans lichamen. Ik heb geprobeerd om dit niet te doen. Om zonder oordeel of vooroordeel naar mensen te kijken. En dat voelt fijn. Je moet er wel even bewust mee om gaan, maar het levert wel echt wat op.

In het filmpje hieronder krijg je een goed beeld van wat body positivity is. En als je verder op Youtube of op internet gaat speuren vind je er heel veel over.

Filmpje over body positivity

Keep you posted

Ik ga me de komende tijd meer in nog verder verdiepen in body positivity en zal mijn ervaringen delen met jullie. Ik heb het boek van Megan Jayne Crabbe besteld en ga er mee aan de slag. Jullie gaan hier meer over horen. En ook over hoe ik er zelf mee om ga. Stay tuned!

Liefs Marleen

Diëten is zo 2018

Wie heeft er allemaal wel eens een dieet gevolgd? Niet allemaal de hand opsteken graag. Maar het zullen wel het merendeel van de mensen zijn. Diëten omdat we af willen vallen, weer strakker in ons velletje willen zitten en ons weer beter willen voelen. Tuurlijk dat is ook belangrijk. En zo’n dieet geeft ons houdvast. Zo moet je het doen en dat werkt (of misschien toch niet??).

Paleo dieet, ketogeen dieet, koolhydraat arm dieet, intermittent fasting, Dr. Frank dieet, Sonja Bakker dieet, Pioppi dieet, hormoon balans dieet…ik kan nog wel even doorgaan. Dit is een greep uit de verschillende soorten diëten die er momenteel bestaan. De mensen die het bedenken verdienen er geld aan. Slim, want het is toch echt iets wat wij als mensen nodig hebben. Een boek, een app, een plan om het allemaal mogelijk te maken.

Maar er is wel iets wat ik me al een tijdje afvraag. Waarom is diëten nog steeds zo populair? Want uit onderzoek is bewezen:

  • dat 95% van de mensen die gewicht verliezen door te diëten, het gewicht niet blijvend kwijt raken. Ze komen weer aan als ze stoppen met het dieet. Minder dan 5% van de mensen is in staat om dit gewichtsverlies langer dan 5 jaar te behouden.
  • van de 95% komen 66% van die mensen uiteindelijk meer gewicht aan dan ze zijn verloren. Het diëten zorgt er uiteindelijk dus voor dat mensen meer gaan wegen dan voor het diëten.
  • uit meer dan 30 lange-termijn studies blijkt dat op dieet gaan leidt tot gewichtstoename. En hoe meer iemand dieet, hoe meer iemand doorgaans weegt.
  • diëten maken ons daarnaast vaak ongezonder. Diëten zorgen voor een toename van obsessieve gedachten rondom eten en ons lichaam. Ze leiden tot overeten en eetbuien. Ze verlagen onze zelfverzekerdheid.

Dus…… Waarom diëten we nog???? Je wordt alleen maar dikker.

Gezonde levensstijl

Maar ik hoor je denken: wat moet ik dan? Tja dat is lastig, maar eigenlijk is het gewoon kiezen voor een gezonde(re) levensstijl. Bewust zijn van wat je eet, wat je beweegt en wat past bij jou en jouw leven. En moet het dan altijd alleen maar gezond. Nee! Maar als jezelf vol blijft stoppen met chocola, chips en cola, dan is dat niet overwegend gezond.

Kijk gewoon kritisch naar jezelf en je eetpatroon. Jezelf dingen gaan verbieden werkt meestal averechts. Maar je kan wel denken of je niet ook iets anders kan eten of drinken. Kijk maar eens goed naar wat je drinkt. Want misschien eet je overwegend gezond en niet al te veel, maar drink je ‘veel’ frisdranken of vruchtendranken of iets dergelijks. Hieronder zie je een afbeelding met drinken. In sinaasappelsap en in appelsap zit nog meer suiker dan in cola!! En dat zijn natuurlijk pakken met toegevoegd suiker. Maar ook in verse geperste sapjes zitten veel (fruit)suiker, geen vezels en dus weinig voedingswaarden. Lege calorieën noemen we dat. Kan je beter een sinaasappel eten en een glas water erbij drinken.

Caloriebalans

Het is en het blijft een simpel rekensommetje. Als je meer calorieën verbrandt dan dat je binnen krijgt dan val je af. Als je evenveel calorieën binnenkrijgt als dat je verbrandt dan blijft je gewicht stabiel. Als je meer calorieën binnenkrijgt dan dat je verbrandt dan kom je aan.

En dan is de vraag natuurlijk hoeveel verbrand ik dan? Dat is redelijk goed te berekenen. Er bestaan formules voor en je moet natuurlijk wel eerlijk zijn. Je begint met het uitrekenen van de BMR (basale metabolische snelheid). Het basaal metabolisme is de hoeveelheid energie (in de vorm van calorieën) die het lichaam nodig heeft om te kunnen functioneren in rusttoestand.

Dus de basis: je BMR (probeer maar in de link). Dan kijk je naar hoe actief je bent. En vermenigvuldig je je BMR met de PAL (Physical Activity Level) waarde. Voorbeeld: mijn BMR is 1455. Mijn PAL waarde is: 1,6. Dus ik moet ongeveer 2300 calorieën op een dag binnen krijgen en dan blijf ik stabiel in gewicht.

Wil ik gaan afvallen dan moet ik minimaal 10% minder calorieën binnen krijgen dan dat ik verbrand. Dan val ik, langzaam, af. Ga je 20 tot 30% minder eten dan zal je sneller afvallen. Nog veel minder dan kom je rond je BMR waarde uit en dan val je wel heel snel af maar dan kom je ook weer snel aan, als je weer meer gaat eten. Omdat je structureel te weinig binnenkrijgt.

In de praktijk

Ontzeg jezelf niets, maar kies bewust wat je eet! Sluit ook weer heel erg aan bij het intuïtief eten waar ik het al eerder over heb gehad. Om te weten wat je eet en hoeveel calorieën je binnen krijgt, kan je een tijdje bijhouden wat je eet in bijvoorbeeld de app Myfitnesspal. Maar als jij die bewuste keuzes op een gegeven moment kan maken, dan kan je ook die app weer loslaten.

In kleine stapjes en rustig aan verlies je zo wat kilo’s. En vergeet daarbij dan ook niet om wat spieren op te bouwen. Spieren zorgen voor een hogere verbranding in je lichaam waardoor je automatisch wat meer calorieën binnen kunt krijgen. Bovendien word je sterker en automatisch wat strakker. Het is bij mij ook een lang proces geweest!

Ik 2004 – ik 2019

Vind je het leuk om hier wat meer over te weten? Stuur me even een berichtje. Ik vind het leuk om hier meer over te vertellen. En ik kan je wat meer persoonlijk advies geven.

Angst voor de sportschool

Sinds ik op de sportschool werk is het me al een aantal keer opgevallen dat mensen een totaal verkeerd beeld hebben van de sportschool. Ze zijn bang om er naar toe te gaan, ze voelen zich te oud voor de sportschool of ze denk dat er alleen maar fittie’s rondlopen (super fitte mensen). Het is voor veel mensen een plek waar ze niet naar toe durven te komen. Wat de reden ook is, het is een vervelend gevoel. Je wil wel komen sporten maar je durft niet. Herken je dit? Ik zal proberen om de angst voor de sportschool wat minder te maken. Het is echt wel een fijne plek om te zijn, om aan jezelf en aan je gezondheid te werken.

Waar komt die angst vandaan?

Heel veel fitte mensen!

Op de sportschool lopen inderdaad hele fitte, gespierde mensen rond en dat komt omdat ze daar al een hele tijd rondlopen (en dat is ook wel de bedoeling van de sportschool). Ze werken vaak al jaren aan het lichaam dat ze hebben. Maar er lopen ook een heleboel ‘normale’ mensen rond. Mensen die een keer (of misschien twee keer) in de week komen sporten. Omdat ze het lekker vinden of omdat ze gezellig samen met een vriend of vriendin gaan. Mensen die komen sporten oordelen niet over andere mensen. Want je hebt een gezamenlijk doel: lekker bewegen en je fitter voelen. Je doet het samen en het maakt niet uit wat jouw beginsituatie is. En zijn er toch mensen die oordelen, dan doen ze dat vaak uit onzekerheid. Laat ze lekker!

Tip: vergelijk jezelf niet met andere mensen op de sportschool. Ieder mens is anders, heeft een ander doel en een andere focus.

Te oud???

Ik heb mensen in de les gehad die dit jaar 80 zijn geworden. Nee, als je 30 of 40 bent dan ben je echt niet te oud. In mijn BBBB lessen van vrijdag en zaterdag lopen de leeftijden uit een van 20 tot ongeveer 60 jaar (incidenteel ook 70 jaar). Maar ook in veel van de andere lessen is de leeftijd van de mensen heel gevarieerd. Het enige waar de meeste mensen te oud voor zijn, is de jeugdfitness. Daar fitnessen kinderen van 13 tot 15 jaar onder begeleiding.

Maar voor al het andere ben je niet te oud! En je hebt in een eerder bericht van me dat het heel belangrijk is om te gaan sporten. Vooral als je wat ouder wordt. Je spieren nemen namelijk langzaam af vanaf ongeveer je 30ste (1% per jaar). Als je niet sport en een zittend beroep hebt, dan neemt je spiermassa langzaam af. Wil je die spiermassa behouden (ja), dan is krachttraining de oplossing. Dat kan op veel verschillende manieren natuurlijk. Je hoeft niet naar de sportschool. Bewegen thuis met gewichtjes kan ook. En wat dacht je van tuinieren of boodschappen doen of trap lopen en ga zo maar door.

Switching 55+ bij SHK Sportcentrum

Heel veel enge apparaten!!

Ja er staan heel veel verschillende apparaten op de sportschool en ik snap heel goed dat je dat een beetje eng vindt. Ik ben zelf onlangs van de groepslessen naar de fitness gegaan. Ik moet ook alle apparaten leren kennen. Maar dat heeft iedereen. Niemand weet het meteen allemaal! Daar zijn ze bij sportscholen ook op ingespeeld. Nieuwe mensen gaan dan onder begeleiding van de fitnessinstructeur de apparaten langs. Niet allemaal tegelijk. Maar rustig aan een aantal apparaten voor verschillende spiergroepen. Dat doe je zes weken en dan ga je weer door naar andere apparaten. En weer krijg je de begeleiding die je nodig hebt. En ook als je het tussentijds even niet weet, dan helpen de fitnessinstructeurs je graag.

Krachttraining alleen voor bodybuilders

Dat is zeker niet zo! Krachttraining is echt voor iedereen. Want wil je echt zo gespierd worden als echte bodybuilders dan moet je heel wat meer doen dan een of twee keer in de week aan de gewichten hangen. Daar zit een heel gedisciplineerd trainings- en eetschema achter.

De trend in fitness land is dat steeds meer ouderen en vrouwen aan krachttraining doen. Juist om de spierafbraak tegen te gaan, om strakker te worden en om makkelijker te kunnen afvallen. Huh hoe dan? Ze zeggen altijd dat spieren meer wegen dan vet. Dat is ook waar! Maar het is ook zo dat meer spieren zorgen voor meer verbranding. En afvallen gaat om calorieverbranding. Meer calorieën verbranden dan je binnen krijgt. Dus meer spieren–>meer verbranding–>meer afvallen/ of eigenlijk strakker worden. Dat betekent dan wel dat je niet te zwaar moet trainen en een afwisseling moet hebben tussen cardio en kracht. Maar goed dat is weer een ander verhaal.

Conclusie

De sportschool is voor iedereen! Van jong tot oud. Bewegen is goed voor je, in welke vorm je het ook doet. En wat is er nou belangrijker dan goed voor jezelf zorgen. Tegenwoordig kan alles, mogelijkheden zijn eindeloos. Maar even terug naar de basis is zo belangrijk. En jij bent die basis. Zorg goed voor jezelf! Eet goed, slaap goed en beweeg.

Ben je toch wel heel benieuwd hoe het er op een sportschool aan toe gaat? Ga een keer een kijkje nemen. Tegenwoordig zijn er zo ontzettend veel sportscholen. Van groot naar klein. Met verschillende manieren van trainen. Van bootcampen, naar HIIT trainingen, van pilates, naar TRX, van Lesmills programma’s naar freestyle programma’s.

Kijk naar wat je leuk lijkt, neem desnoods iemand mee, probeer het een keer uit (de meeste sportscholen hebben gratis proeflessen). Met wat voor gevoel ga je er weg? Wil je het nog een keer gaan doen? Dat is een goed teken. Dan is de volgende stap om iets te gaan doen wat je leuk vindt en wat past in je schema. Heel belangrijk dit!! Zorg dat het in je vaste routine komt.

Toen ik nog gewoon lid was van de sportschool ging ik altijd op donderdagavond en zaterdag ochtend. En ik heb vaak genoeg excuses gezocht om niet te gaan sporten. Vooral nadat Daniel geboren was. Je bent de hele dag heel druk en je wil dan ’s avonds vooral rust. Maar het is zo lekker om dan toch te gaan, een uurtje te sporten en dan op de bank te ploffen. Je krijgt er meer energie van, slaapt er beter van en je houdt je conditie en spiermassa op peil.

Woon je in de buurt van mij? Kom dan een keer met mij mee. Ik wil je met alle liefde een keer rondleiden bij ons op de sportschool. Of doe een keer mee in een van mijn lessen.

Liefs Marleen

Havermoutkoekjes met pindakaas en dadel

Gisteren had ik zo’n lekkere bakdag. Ineens had ik er zin in en had ik ook inspriratie. Ik dacht: als ik nu eens alle lekkere dingen die ik ken bij elkaar gooi en er een koekje van maak. Bij sommige mensen wordt het dan een frikandel speciaal, pizza en ijs koekje. Lijkt me erg vies trouwens. Maar ok….ieder zijn ding he. Terug naar mijn koekje. Ik houd van havermout (ja echt!!), pindakaas (true addict), dadel en kaneel. Laten we daar nou eens een koekje van maken. Dat moet vast kunnen.

Ingrediënten:

  • 150 gram havermout
  • 100 gram dadels
  • 1 ei
  • 40 gram pindakaas
  • 2 tl kaneel
  • 1 tl bakpoeder
  • scheutje water

Bereidingswijze:

Verwarm de oven voor op 180 graden. Doe de dadels, het ei, de pindakaas, de kaneel en het bakpoeder in de keukenmachine. Even laten draaien totdat de dadels klein zijn geworden. Voeg het dadelmengsel toe aan de havermout en kneed tot een bal. In deze fase misschien even een beetje water toevoegen om het goed te laten plakken. Dan draai je rondjes van het deeg en druk je ze plat. Bekleed een bakplaat met bakpapier en leg de havermoutkoekjes daar op.

Schuif de bakplaat in de oven en bak de koekjes eerst 10 minuten. Draai ze daarna even om om en bak nog ongeveer 5 minuten. Kijk een beetje naar het koekje en naar waar jij van houdt. Wat langer dan wordt het koekje wat knapperiger. Haal uit de oven en laat afkoelen op een rooster.

Zo lekker! Havermout is gewoon fantastisch! En pindakaas en dadels ook!!!! Laat je het me weten als je de koekjes hebt gemaakt.

Liefs Marleen

Curling ouders

Curlingouders….wat een fantastisch woord! Echt het meest briljante woord van deze eeuw. Ik moest meteen denken aan de ouders die bij de zwemles de kinderen van top tot teen afdrogen, aankleden, hun haren kammen, hun spullen opruimen en hun tas meenemen. Kind laat dat allemaal apatisch toe. Daniel worstelt ondertussen om zijn onderbroek over zijn plakkerige billen te krijgen. Tegen de tijd dat wij klaar zijn, zijn die mensen al lang thuis. Maar goed….je kan niet alles hebben.

“Ik kan er dit schooljaar even geen curlingouders bij hebben”, verzuchtte juf Ank in een van de nieuwste afleveringen van de Luizenmoeder. Dit woord, een metafoor, is bedacht door de Deense psycholoog Bent Hougaard. Het is een term voor overbeschermende ouders die alle obstakels voor de voeten van hun kinderen proberen weg te vegen, vergelijkbaar met de sport curling waar ze met de bezems de baan vrij maken. De ouders die dit doen zijn zich er vaak niet van bewust en doen het uit liefde voor hun kind. Ze willen graag dat het gelukkig is en beschermd wordt tegen al het leed in de buitenwereld. Ze willen het zoveel mogelijk tegenslag en teleurstelling besparen, want ze worden al snel genoeg volwassen. Tegenwoordig is streng zijn geen optie meer. Kinderen mogen veel en zijn niet meer gewend om ‘nee’ te horen. En dat terwijl structuur voor kinderen zo belangrijk is. Het kan zijn dat ouders bang zijn voor de reactie die elke ouder vreest: “Je bent de stomste mama/ papa van de wereld!” (ik hoor het drie keer per week).

Opvoedstijl

Er zijn vast mensen die de opvoedstijl die ik en (vooral) Tycho hanteren wat nonchalant vinden. We zijn vrij makkelijk met dingen en geven onze kinderen best wel wat vrijheden. We laten ze rennen, klimmen, springen, met zakmessen werken, vuurtje stoken en op ontdekkingstocht gaan (soms zijn we ze wel eens kwijt), maar we hebben er compleet vertrouwen in dat ze geen gekke dingen doen. Na ja….tuurlijk kwajongens streken en ze vallen wel eens en dan hebben ze pijn. Maar dat hoort er toch allemaal bij. We kunnen als ouder onze kinderen niet overal voor beschermen, echt niet, dat luk niet. En dat moet je ook niet willen! Volgens mij word je dan als ouder helemaal gek, vooral als je meerdere kinderen hebt.

Maar we zijn wel consequent. Nee is nee! Zeuren, boos worden, huilen, onderhandelen of roepen: “Je bent de stomste mama van de wereld.”, helpt niks. We steunen elkaar ook wel. En we zijn echt niet de beste opvoeders van de wereld. Want ik ben heel vaak veel te lief voor ze. En Tycho leert ze dingen als boeren laten, scheten laten en bier drinken hihi.

Basisbehoeften

Continu alles voor je kinderen doen en alle problemen uit de weg ruimen, moet je ook niet willen. Niet voor jezelf en al helemaal niet voor je kind. Omdat je dan niet voldoet aan de basisbehoeften van je kind (ja sorry af en toe steekt de pedagoog in de me de kop op). Alle mensen, en dus ook kinderen, hebben psychologische basisbehoeften, en daarvoor hebben we anderen nodig. De manier waarop wij interactie hebben onze omgeving, is uitvoerig beschreven in de Self Determination Theory (Deci & Ryan, 1985; Deci & Ryan, 2000 en Ryan & Deci, 2000). Deze theorie zegt dat wij drie psychologische basisbehoeften hebben: relatie (erbij horen), competentie (het kunnen) en autonomie (je kan het zelf). En dat we dingen doen om aan die basisbehoeften te voldoen. Dat maakt je tot een heel mens, een zelfstandig mens. Je kan relaties onderhouden en je aanpassen aan een groep. Je weet dat je bepaalde dingen goed kan en andere dingen wat minder goed (goed zelfbeeld). Je bent zelfstandig en kan je eigen keuzes maken.

Stel je bent een curlingouder en je haalt alle obstakels voor een kind weg. Omdat je het beste met je kind voor hebt. Omdat je niet wil dat je kind pijn of verdriet heeft. Omdat je het kind zo graag wilt helpen. Allemaal hele goede redenen. Maar bedenk je wel dit: leert je kind wat hij of zij kan als je alles uit handen neemt? Leert je kind keuzes maken als het nooit hoeft te kiezen? Leert je kind op een normale manier met mensen te communiceren als de communicatie meestal via jou verloopt? Leert je kind zelfstandig te zijn? Ik denk van niet. Want je zegt eigenlijk continu tegen je kind: “Ik denk dat je dit niet kan, dus ik haal dit wel voor je aan de kant.”

Even heel praktisch hè. Bastiaan moest vanaf groep 6 een surprise maken voor Sinterklaas op school. Super leuk! Maar er was dikke stress bij Bastiaan (hij is niet zo knutselig). En dan gaat Bastiaan altijd helemaal op slot. Huilen, boos, niks meer willen (net een kind). Dus we zijn samen gaan kijken naar wat hij wilde gaan maken. We hebben een redelijk makkelijke optie gekozen. Even gezellig samen naar Pipoos gefietst en meneer kon aan het schilderen. Hoppa! Succes ervaring in the pocket. Jaar erna moest er weer een surprise gemaakt worden. Iets lastiger, want hij had een meisje (WHAAAAA eng volk). Dus nog even gekeken samen met hem wat hij wilde gaan maken. Een giraffe! Hartstikke leuk. Wat hebben we nodig om een giraffe te knutselen? Bastiaan googled even en hij weet het. Nou aan de slag dan maar. Nu dit jaar in groep 8 ging het helemaal vanzelf. Hij had zelf bedacht wat hij wilde maken en hoe hij het wilde maken. Ik heb eigenlijk niks hoeven doen. En dan het verschil in jongens en meisjes…..Eveline moest dit jaar ook voor het eerst een surprise maken. Zij bedenkt zelf wat ze wil maken, gaat ruim van tevoren aan de slag en is ook ruim op tijd klaar.

Tja en is het nou belangrijk dat hij een surprise kan maken. Nee! Wel handig (hihi). Maar hij heeft wel geleerd dat als er iets ‘moeilijks’ op zijn pad komt dat hij niet hoeft te blokkeren, maar om hulp kan vragen en dan samen een oplossing kan vinden. Hij heeft ook geleerd dat hij meer kan, dan dat hij denkt.

Conclusie

Onze kinderen zijn heel zelfstandig. Ze hebben ook altijd van ons te horen gekregen dat ze het kunnen. En dat ze fouten mogen maken en dat niet alles meteen goed hoeft te gaan. Met een beetje oefenen kunnen ze alles. Een voorbeeld is veters strikken. We kunnen schoenen blijven kopen met klittenband of de veters vervangen door die elastieken veters. Maar ze kunnen ook gewoon blijven oefenen en uiteindelijk kunnen ze het.

Wat betreft die zelfstandig. Ze gaan ze al jarenlang ’s ochtends alleen naar beneden in het weekend. Lekker tv kijken en toen Daniel nog wat kleiner was, maakten Bastiaan en Eveline altijd een boterham voor Daniel. Ze hadden zelfs afgesproken dat Bastiaan het op zaterdag deed en Eveline op zondag. Tycho en ik konden heerlijk even in bed blijven liggen. Nog steeds trouwens.

Natuurlijk vind ik het vreselijk als mijn kinderen pijn of verdriet hebben. Toen twee oudere meisjes Eveline een keer lelijk noemden, toen ze alleen op de fiets naar huis kwam, wilde ik het liefst die meisjes opzoeken en heel hard op hun … slaan. Maar dat heb ik niet gedaan. Ik heb met Eveline er over gepraat, haar getroost en vertelt dat die meisjes stom zin, omdat ze dat zomaar zeggen. Dit soort dingen horen erbij. Ze leren ervan. En als ze iets moeilijk vinden, moeite hebben met keuzes of iets dergelijks, dan praten we erover en samen komen we tot een oplossing. En tja teleurstellingen horen erbij. Dat overleven ze wel! Dat hebben wij ook gedaan. What doesn’t kill you, makes you stronger! Ik geloof erin.

Een erg leuk filmpje om eens te kijken is deze op Ted talk. Beetje Amerikaans, maar wel een goede boodschap. Heb je kind lief!

Liefs Marleen

Let’s go banana’s

Zodra ik hele rijpe bananen zie ergens, dan word ik altijd helemaal blij. JA ik weet het iedere gek zijn gebrek. Maar als ik rijpe bananen zie, dan zie ik meteen bananenbrood of havermoutmuffins of bananenpannenkoekjes….mmmmmmm. Bij mij is het meestal de uitdaging om ze rijp te laten worden, want meestal zijn ze voor die tijd al op :-(.

Maar het is me weer een keer gelukt! Dus kan ik aan jullie mijn recept voor bananenbrood delen.

Ingrediënten:

  • 150 gram havermout
  • 3 rijpe bananen
  • 3 eieren
  • scheutje melk
  • 2 tl kaneel
  • 2 tl bakpoeder
  • 1 peer
  • 40 gram rozijnen

Bereidingswijze:

Verwarm de oven voor op 180 graden. Vet een cakeblik in en doe er een vel bakpapier in. Maal de havermout fijn in de keukenmachine. Dan doe je de bananen, eieren, de melk, de kaneel en de bakpoeder in de keukenmachine en mix je alle nog even goed door. Schil de peer en snijd in kleine stukjes. Voeg de stukje peer en de rozijnen toe aan het beslag. Even doorroeren en dan giet je het beslag in het cakeblik.

Doe het bakblik in de oven en bak 45 minuten op 180 graden. Geniet ondertussen van de heerlijke geuren die uit je oven komen. Haal het brood uit de oven en haal voorzichtig uit het bakblik. Even laten afkoelen op een rooster (dit is het moeilijkste stuk) en dan lekker op eten.

Variaties op dit recept zijn ook altijd mogelijk. Met appel, met noten, pitten en zaden, met dadels of ander gedroogd fruit. De keuze is reuze!! Ook kan je de havermout vervangen door gewoon meel (wel volkoren dan).

Laat je het me weten als je dit recept een keer gaat uitproberen!

Liefs Marleen

Hemelse eiwitpannenkoekjes

Oh mijn hemel…op zondag ochtend wakker worden, bedenken dat je iets lekkers wilt ontbijten en dan dit recept in elkaar draaien. Het leven kan niet beter! En dan te bedenken dat dit een gezond ontbijtje is en dat je hiermee goed voor jezelf zorgt.

Ingrediënten

  • 2 eiwitten
  • 20 gram havermout
  • 1 scoop eiwitpoeder (maar dit kan je ook prima weglaten of vervangen door bijvoorbeeld kaneel)
  • 1 banaan
  • fruit als topping (kan natuurlijk alles zijn wat lekker vindt)

Doe de eiwitten, de havermout, het eiwitpoeder of kaneel en de banaan in een kom en haal de staafmixer erdoor. Maak er een mooi beslag van. Klein beetje olie of vloeibare boter in de pan en gas erop! Pannenkoek rustig bakken en als de bovenkant mooi droog is dan draai je de pannenkoek om. Nog even verder laten garen en dan leg je die heerlijke pannenkoek op je bord. Ik had eigenlijk drie kleine pannenkoekjes willen bakken, maar dat kwam niet helemaal goed uit. Smaakte er niet minder om, hoor. Ik gebruikte als topping wat fruit uit de diepvries (wel even laten ontdooien).

Echt waar dit is zo lekker! Als je dan een verwenontbijtje wil, doe dan deze. Echt niet zo moeilijk om te maken en heel erg de moeite waard.

Eet smakelijk!

Liefs Marleen

Intuïtief eten

Mijn jongste zoon, Daniël, wil graag broodje knakworst eten. Zo af en toe mogen ze een verzoekje doen voor het avondeten. Vaak is het friet of pizza, maar nu een keer een broodje knakworst. Vrijdagavond gaan een lekker broodje knapworst eten. Daniel is helemaal blij. Nadat Daniel ongeveer een broodje op heeft, vragen we of hij nog een broodje wil. Nee is het antwoord, hij wil wel nog wat drinken. Hij heeft een volle buik. Nou ja zeg, wij maken speciaal voor hem broodjes knakworst en na een broodje is het al klaar. Later die avond mogen de kinderen nog een bakje chips. Daniel eet zijn chips niet op, hij zit vol.

Daniël eet op intuïtie, iets wat kinderen heel makkelijk doen. Ze eten wanneer ze honger hebben en als ze vol zitten dan stoppen ze. Wij als volwassenen doen dat minder goed. Omdat we het nog zo lekker vinden of omdat het zonde is om het weg te gooien. Daardoor overeten we vaak. Met als gevolg dat je te veel eet en dan is de kans groot dat je dan langzaam aan dikker wordt.

Eten waar je lichaam behoefte aan heeft

Maar wat is dat dan intuïtief eten? Eet je dan wat je wil? Wanneer je dat wil? Ja en nee. Dat betekent niet dat je altijd alles wat je lichaam (of je geest) wil eten, dat je dat ook moet eten. Want dan zullen veel mensen zich helemaal vol eten aan chocolade of chips. Wat je gaat doen is weer echt luisteren naar je lichaam. Wat heb ik echt nodig? Heb ik wel echt honger? Heb ik niet gewoon dorst? Of verveel ik me? Wat veel mensen misschien wel herkennen is dat je wat eet, maar even later ben je al weer vergeten dat je gegeten hebt. Je leert de signalen van echte honger herkennen. En je leert waar je lichaam dan ook echt behoefte aan heeft.

Ik ben al een lage tijd verslaafd aan de Myfitnesspal app. Ik voer daar in wat ik allemaal eet op een dag. Het is voor mij een soort controle dat ik niet te veel eet en dat ik voldoende voedingstoffen binnen krijg. Maar ik laat me daar misschien ook iets te veel door leiden. Zo wil ik voor de lunch niet meer dan 400 calorieën eten. Maar vaak zat heb ik al meer honger en wil ik toch nog wat meer eten.

Nu denk je misschien wat zijn de voordelen van intuïtief eten?

  • doordat je goed luistert naar lichaam krijg je alle voedingstoffen binnen krijgt die je lichaam nodig heeft. En hierdoor is de kans kleiner dat je in de loop van de dag gaar snacken of snaaien.
  • je eet wat goed is voor je lijf en je laat je minder leiden door je emoties. Je zal dan minder last hebben van schuldgevoelens of negatieve gedachten. Het voelt dan niet als een gevecht, maar gewoon als goed voor jezelf zorgen. Dan zal je je trots voelen op jezelf en dat motiveert alleen maar meer.
  • als je gegeten hebt, dan zal je verzadigd zijn en daardoor voel je je vol energie.
  • je lichaam krijgt alle voedingsstoffen binnen die je nodig hebt om gezond te blijven. Daardoor behoud je een sterk immuunsysteem.

Kernmerken die helpen bij intuïtief eten:

  • sluit geen voedingsproducten uit. Maar kies wel vooral zo veel mogelijk gezonde producten.
  • kies je eten van gezondheidsredenen en ook om ervan te genieten.
  • kijk anders naar voeding. Deel ze niet in als goed of slecht. Maar kijk meer naar voeding in termen als voedzaam of minder voedzaam, gezond en ongezond of smaakvol of minder smaakvol.
  • gebruik voedsel niet om negatieve emoties te vermijden of de gevoelens te onderdrukken met eten.
  • respecteer je lichaam, ongeacht het gewicht en hoe het eruitziet.
  • beweeg en sport omdat gezond is of voor je plezier.
  • eet op basis van signalen van je lichaam zoals honger en verzadiging.
  • eet je een keer te veel dan eet je de volgende keer wat minder.
  • kies vooral de producten die goed vullen, zoals voeding met veel eiwitten en vezels.

Mijn ervaring:

Het idee achter intuïtief eten vind ik goed. Maar is het voor iedereen haalbaar. Daarom probeer ik deze week ik intuïtief te eten. Luisteren naar waar mijn lichaam behoefte aan heeft. Wat vooral inhoud dat ik niet meer mijn voeding invoer in de app. Dat vind ik wel lastig, want ergens ben ik bang dat ik te veel eet. Of niet de goede verhouding macro nutriënten (koolhydraten, eiwitten en vetten) binnen krijg. Terwijl ik eigenlijk ongeveer hetzelfde eet als altijd. Ik merk dat ik dus erg afhankelijk ben geworden van die app. Het geeft me een gevoel van controle. Nu is die controle weg. Whaaaaa….af en toe even paniek.

Maar wat ik weet van mezelf is dat ik me goed voel als ik goed eet. Veel groente, kwark, eieren. volkoren brood, havermout, veel fruit. Afwisselend vlees (onbewerkt), vis en vega. Ik maak dan ook het liefst zo veel mogelijk zelf. Tegenwoordig heb ik er minder tijd voor, maar ik word er nog steeds blij van. Dus af en toe gewoon weer even doen. Zo maak ik nog steeds altijd zelf mijn granola. Oh sorry ik dwaalde af.

Mijn intuïtief eten week:

  • ik mis het invoeren op de app, maar bespaar ook tijd daardoor. Ik moet mezelf gewoon vertrouwen in het maken van de juiste keuzes qua eten.
  • bewust kiezen om iets te eten vind ik fantastisch. Heb ik er echt zin in? Heb ik er behoefte aan? En soms ‘iets’ minder gezonde dingen eten, maar dan wel heel bewust.
  • balans houden lukt me goed. Soms eet ik iets meer, soms (heel soms ;-)) wat minder.
  • mindful eten……dat is nog wel een dingetje. Ik neem vaak te weinig tijd en eet met te veel afleidingen.
  • ik beweeg en sport omdat ik het leuk vind en omdat het goed is voor me.
  • ik eet heel eiwitrijk en veel vezels

Ik ga er zeker mee door! En ga werken aan de punten die ik lastig vind. Wil je meer weten over intuïtief eten? Zoek er op internet naar. Er is heel veel informatie over te vinden.

Liefs Marleen

Omelet met kipfilet cottage cheese en tomaat

Ik houd van brood! Ik ben er echt dol op, maar ik probeer er wel op te letten dat ik er niet te veel van eet. Niet omdat ik denk dat het heel ongezond is (behalve wit brood), maar er is zo veel meer dan alleen maar brood. Ga me brood ook niet verbieden, want ik zou echt gek worden. Voor mij geen koolhydraat arm dieet. Beetje variëren kan geen kwaad en als het dan met dit recept is, helemaal goed.

Ingredienten:

  • 3 eieren (of twee eieren en een ei wit)
  • 30 gram cottage cheese
  • 2 plakjes gerookte kipfilet
  • vloeibare margarine
  • paar plakjes tomaat
  • aromat

Kluts de eieren in een kom. Beetje zout en peper (en misschien nog wat andere kruiden) toevoegen. Verhit de vloeibare margarine in een koekenpan en bak daar in de omelet. Als de bovenkant droog is, dan draai je de omelet voorzichtig om. Nog even bakken tot de omelet helemaal gaar is. Op een bordje, cottage cheese erover verdelen, plakjes kipfilet erop leggen en dan een paar plakjes tomaat. Heb je sla of komkommer? Ook dat is er lekker tussen. Ik doe er graag wat aromat op. Een tik die ik uit mijn jeugd heb over gehouden. Op tomaten en komkommers doen we vaak een beetje aromat.

Eet smakelijk!

Laat je het me weten als je de omelet hebt gemaakt? Vind ik leuk om te horen.

Liefs Marleen